RVS Slijpen: de verschillende schuurbanden en slijpkorrels

Bij het RVS Slijpen moet met een aantal factoren rekening gehouden worden voor het realiseren van de gewenste oppervlaktegesteldheid en de gewenste afwerking. Wij maken gebruik van verschillende typen schuurbanden en verschillende korrelgroottes. In dit blog een korte uitleg van onze werkwijze voor het slijpen van platen.

Verschillende typen schuurbanden

Wij maken gebruik van verschillende typen schuurbanden voor het realiseren van de gewenste afwerking. De gewenste oppervlaktegesteldheid, ruw of juist heel fijn, en de plaatdikte bepalen uiteindelijk welke schuurband wij gebruiken. Onderstaand een korte uitleg over de verschillende schuurbanden die wij gebruiken.

 

Linnen aluminiumoxide schuurbanden (Hermesit RB 535 X)hego (113)
Deze linnen schuurband is bij uitstek geschikt voor het slijpen van materiaal met een hoge treksterkte. Met deze schuurbanden slijpen wij materiaal met een dikte van 1 mm tot en met 5 mm in slijpkorrels 60, 80, 120, 180, 240, 280 en 320.

Papieren aluminiumoxide schuurbanden (Hermes BW 116)
De papieren schuurbanden gebruiken wij voor het slijpen van zeer dun materiaal. Andere schuurbanden zouden zeer dun materiaal kunnen beschadigen waardoor papieren aluminiumoxide schuurbanden een uitkomst bieden. Platen met  diktes tussen 0,8 mm en 1 mm worden met deze banden geslepen in korrels 120, 180 en 400.

Linnen silicium schuurbanden (Hermesit RB 545 X)
Silicium schuurbanden zijn geschikt voor het slijpen onder lichtere druk. Met deze schuurband wordt een glimmende en glanzende finish gerealiseerd. Deze schuurband is geschikt voor het slijpen van platen in diktes 1 mm tot en met 6 mm in korrels 240, 320, 400 en 600.

 

 

Welke slijpkorrel moet ik kiezen?

De korrelgrootte is voor het slijpen van uitermate belang omdat hierdoor de grofheid of fijnheid van het oppervlakte wordt bepaald en de gewenste afwerking geeft.

De fijnheid van schuurbanden wordt gekenmerkt door de korrelgrootte. Een hoger getal geeft een fijnere korrel aan. Het kiezen van de slijpkorrel is met name van belang bij toepassingen waarbij hygiëne belangrijk is. Een lager oppervlakteruwheid zorgt voor minder contaminatie en een betere reinigbaarheid. Een hoge oppervlakteruwheid zorgt voor het tegenovergestelde: vuil kan zich makkelijk aan het oppervlakte hechten en het oppervlakte kan moeilijk gereinigd worden. Standaard wordt gebruik gemaakt van korrel 320 voor het slijpen.

Slijpkorrels en ruwheid

Wanneer een ruw oppervlakte gewenst is, wordt een opeenvolging van verschillende korrelgrootten gebruikt om het ruwe oppervlakte te creëren. Dit wordt gebruikelijk met sprongen van 60 toegepast, van korrel 60 wordt bijvoorbeeld overgegaan op korrel 120. Hoe harder het materiaal is, hoe kleiner de stappen moeten zijn tussen de verschillende korrelgrootten.

Wanneer juist een heel fijn oppervlakte gewenst is waarbij hygiëne van groot belang is, raden wij duplo slijpen aan. Door de plaatoppervlakte na het slijpen te borstelen ontstaat een zeer lage ruwheid waardoor vuil zich moeilijk kan hechten aan het oppervlak.

Benieuwd naar onze slijp mogelijkheden? Lees hier meer > 

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.